Voor het eerst concurrentie op het spoor onder het Kanaal — en Brussel kijkt mee
July 17, 2026
Sinds de eerste trein in 1994 door de Kanaaltunnel reed, had Eurostar het hogesnelheidsverkeer voor passagiers er helemaal voor zich alleen. Dat monopolie loopt op zijn einde. Verschillende spelers azen op de lucratieve as onder het Kanaal: Virgin Trains, het Italiaanse FS (moederbedrijf van Trenitalia), en nieuwkomers als Evolyn en Gemini. Allemaal hebben ze hun oog laten vallen op de lijn Londen–Parijs.
De timing is geen toeval. De Europese spoormarkt is geliberaliseerd, en de vraag naar treinreizen op korte Europese afstanden groeit. Toch is toetreden niet evident: capaciteit in de onderhoudsdepots en toegang tot de Kanaaltunnel vormen flessenhalzen. Vandaar dat de eerste plannen zich vooral op Londen–Parijs richten, de drukste corridor.
Waar zit dan het Belgische belang? Eurostar rijdt via Brussel-Zuid, met verbindingen naar Londen enerzijds en Amsterdam en Keulen anderzijds. De nieuwkomers starten weliswaar op Parijs, maar meer concurrentie en meer capaciteit op het net zetten doorgaans druk op de prijzen en jagen de dienstverlening aan — effecten die uiteindelijk ook de Brusselse reiziger bereiken.
Voor wie zakelijk reist, is dat relevant. Op de assen naar Londen en Parijs concurreert de trein al met de korteafstandsvlucht, met het voordeel dat je van stadscentrum naar stadscentrum reist. Meer operatoren zouden kunnen leiden tot meer frequenties en scherpere tarieven, precies op de verbindingen die Belgische zakenreizigers het meest gebruiken.
Enige nuance is op zijn plaats: de timing blijft onzeker, en door de infrastructurele beperkingen zal de verandering niet van vandaag op morgen komen. Maar de richting is duidelijk. Na dertig jaar is het tijdperk van één enkele spelverdeler onder het Kanaal voorbij — en dat is, uiteindelijk, goed nieuws voor de reiziger.